Non, vous n'êtes pas Charlie

8 Januari 2015



Non, vous n'êtes pas Charlie, mais alors, PAS DU TOUT. Geen enkel volk is minder Charlie dan jullie Nederlanders.
 
Toen Theo van Gogh werd vermoord was er niemand te vinden die geen 'maar' achter zijn steunbetuiging plakte. “Ja het is verschrikkelijk dat hij vermoord is, MAAR hij heeft het over zich afgeroepen”, “Ik vind het erg dat hij dood is, MAAR hij ging wel ver”, “Die gast had hem niet moeten doodschieten, MAAR Theo hield ervan om te provoceren.”
 
Elke 'maar' sneed door mijn ziel. Elke 'maar' beet een stuk jeugdige onbevangenheid die ik toen nog had af. Elke 'maar' deed me beseffen: ik ben in het verkeerde land komen wonen en nu is het 20 jaar te laat.
 
Ik ben Française. Opgegroeid in die heerlijke cultuur van polemiek en satire, puber geworden met Charlie Hebdo c.s.. Er waren nog meer cartoonisten, andere groepen en onafhankelijken, die ook alles en iedereen op de hak namen, zoals Reizer en tal van anderen van wie de naam mij nu ontschiet. Van hen leerde ik, zo klein als ik was, kritisch naar de machthebbers te kijken, wie ze ook waren, naar religies en alles wat eigenlijk ontzettend raar is maar waar veel mensen niet bij stilstaan, en dáár de spot mee drijven. Ik wist niet beter dat dat moest, dat anders de verkeerde krachten macht zouden krijgen. Ik wist niet beter dan dat je waakzaam moest blijven voor dingen die in ons leven slopen en gevaarlijk konden worden. Ik wist niet beter dat de beste manier om dat te voorkomen was om daar keiharde grappen over te maken. Ik had zo vaak cartoons gelezen die mij de ogen openden. Onze hele maatschappij was doordrenkt van die satirische, scherp humoristische toon. Hun boekjes waren overal te koop, voor een prikkie, in de supermarkt, de tankstations, overal. Heel anders dan hier waar boekjes met cartoons enkel bij de elitaire Lambiek te koop waren. Dit is mijn achtergrond.
 
En toen kwam ik naar Nederland en bleef ik hangen. Ik was geland in de kring van de voormalige Provo's, Insektensekters en Kabouters. Ik ging ervan uit dat hun manier van denken kón in Nederland. Ik dacht haast dat ZIJ Nederland wáren.
 
O boy hoe vielen mij de schellen van de ogen. Toen internet kwam in de jaren '90 ontdekte ik de Nederlandse massa. Ik leerde al gauw dat jullie grootste ideologie die van 'don't disturb the peace' was. Iedereen die maar een beetje schreeuwde werd de mond gesnoerd. De goegemeente ruled. Onintelligente mensen maakten de dienst uit. Als ze maar saai genoeg waren, want hé, het moest wel rustig blijven.
 
Met de moord op Theo (die ik van dichtbij meemaakte) en de ontluisterende reacties daarop sloeg een deur voorgoed dicht. Je mocht het Koningshuis belachelijk maken, ja, dat mocht, je mocht de katholieken, de protestanten, en vooral de vrouwen (de domme blondjes) en de Belgen kapot ridiculiseren. Maar de Islam? Daar diende je van af te blijven. Niet omdat je anders werd vermoord, maar omdat je uitgekotst werd door je eigen landgenoten. Hoe links of groen je ook was, als je maar iets tegen de gebruiken van de traditionele moslims of tegen de hufterige jongens op straat had, dan was je rechts. Ik, links in hart en nieren, was opeens rechts omdat ik religieuzen hun privileges niet gunde, omdat ik de manier waarop de straatmachootjes de openbare ruimte opeisten en vrouw- en homo-onvriendelijk maakten verwierp. Ik heb het moeten slikken. Als iemand met Stockholm syndroom herhaalde ik voor mijzelf de mantra dat het goed voor mij was, dat de Nederlanders het bij het rechte eind zouden hebben, want het waren zulke evenwichtige, goede mensen.
 
Tien jaar heb ik zo geleefd, zoveel mogelijk geprobeerd mij aan te passen aan de Nederlandse manier. Van de zeshonderd columns die ik sinds 1998 had geschreven waren er maar een stuk of drie over deze kwesties. Ik hield me braaf in. Deze Kerst, vlak voor de Charlie Hebdo tragedie, had ik mijn zus en haar gezin op bezoek. Aan de Kerstdis werd er driftig gediscussieerd. Mijn man, Nederlander, verliet de tafel. Mijn oudste zoon, die tweetalig is en de Franse mentaliteit begrijpt, streed vrolijk woordelijk mee. Voor mij was het onwennig want al ging ik de eerste 25 jaar meerdere keren per jaar naar Frankrijk, het werd daarna steeds minder. Maar het lukte mij om een keer of twee mij zegje te doen. Ik werd natuurlijk luid de pan in gehakt (dat hoort erbij). Ik lachte. Ik gloeide van plezier. Ik was gelukkig. “Mon dieu que ça m'a manqué ça.” zuchtte ik. Mijn zus keek mij vol ongeloof.
 
Gisteren had ik wéér zo'n moment. Ik belde mijn zus om haar te waarschuwen haar zoon te ontmoedigen gekke shit over die aanslag online te gooien. Wederom begreep ze aanvankelijk mijn beweegredenen niet. “Mais il faut justement qu'on ne se laisse pas contrer comme ça, sinon on ne pourra plus rien dire.” Ik legde haar de situatie in Nederland uit, die tien jaar sinds Van Gogh wanneer op een eenzame gek na (die door de Nederlandse politie is opgepakt) cartoonisten en cabaretiers geen onvertogen woord over de Islam hebben geuit. Opeens begreep ik. Diep in mij was ik het met haar eens. Ik probeerde Nederlands te zijn. Ik probeerde het al tien jaar. Dat botste met mijn innerlijke. Ik heb met deze bewustwording sinds gisteren geworsteld. Ik ben in de spelonken van mijn geest en van mijn hart gedoken. Ik heb gejankt en geschreeuwd. Ik was/ben niet te genieten.
 
De werkelijkheid blijft echter zo dat ik nog steeds geen harde grap over de Islam mag maken, dat ik de misogyne gebruiken van de traditionele moslims niet mag veroordelen, zonder de hoon van mijn medelanders over mij af te roepen. Dus kan ik er niets mee, met die bewustwording. Net zo min als ik iets kan met jullie #jesuisCharlie geroep. Wat is er met jullie gebeurd gisteren? Waar is de Nederlandse intelligentsia die vrijheid van meningsuiting wel OK vond zolang die niet het recht op beledigen werd? Waar zijn de massa's goed-denkenden die dag in dag uit het internet afspeuren op zoek naar onwelgevallige uitingen voor moslims en hun religie? Waar zijn de “maar”-roepers van november 2004?
 
Die waren allemaal zojuist op de Dam, met een A4-tje in de hand waarop stond: “je suis Charlie”.
 
Vandaag zijn jullie opeens vóór lui zoals de subversieve tekenaars van Charlie Hebdo. Jullie verdedigen opeens te vuur en te zwaard een groep cartoonisten die o.a. spotprenten maken waar de moslims keihard belachelijk worden gemaakt. Morgen moet ik echter weer mijn mond houden. Want, hé, don't disturb the peace. Rot dus lekker op met je #jesuisCharlie. Jullie zijn geen Charlie. Jullie zijn daar het tegenovergestelde van. Jullie zijn het volk dat voor tirannen zwicht.
 
 
Mijn bezorgdheid gaat trouwens naar die arme medewerkster van Charlie Hebdo die de code van de ingang voor de terroristen heeft ingetoetst. Hoe klote moet die vrouw zich voelen nu. Hoe klote zal ze zich de rest van haar leven voelen.
 
 
 
 
 
 

 

 

 

- Aanraders -

Policor vs islamofoben

Policor-mensen handelen vanuit een superioriteitsgevoel: mij kan niets overkomen, mijn positie is zo sterk, mijn systeem is zo sterk, mijn democratie is zo sterk. Islamofoben daarentegen, handelen vanuit een minderwaardigheidsgevoel: ik zie dat het fout gaat, er gebeuren dingen die mijn vrijheid/...

(lees meer)

Een vlotte bevalling

Al weken had ik bronchitis. “Oom dokter” zoals Kees onze huisarts Dr. Promes noemde, had mij verboden thuis te bevallen, laat staan op het drijvende eiland dat ik zelf uit afval in elkaar geknoopt had. Dat was een domper van jewelste op het feestelijke vooruitzicht, dat enkel een dwaze n...

(lees meer)

Geluk

Wat verlies betreft, kijken wij maar al te graag achteruit om te treuren om het verlorene. Bijv. bij het ouder wordende lichaam. Zelden vergelijk je jezelf met hoe je zult zijn in de toekomst en laat de gedachte je verblijen. Neen. Meestal vergelijk je je ouder wordende lichaam met hoe dat gisteren ...

(lees meer)

FemEnisme

Immigratie en feminisme. Die twee zijn voor mij verbonden. Vrouwen hebben zich in West Europa de afgelopen eeuw met veel moeite weten te emanciperen. Stemrecht voor vrouwen is er in NL pas sinds 1919 (in Frankrijk sinds 1944!). Tot de jaren dinges mochten getrouwde vrouwen hun bankzaken niet zelfsta...

(lees meer)

Gebouw

De crisis (nog steeds: what crisis?) blijkt de architekt te hebben bereikt. De burger, dat volledig door de architekt verguisd element, gaat in tijden van krapte zijn onderkomen wel even zelf ontwerpen.Het lijkt me dat dat op zijn minst de praktische toepassing ervan zal vergroten. Want laten we eer...

(lees meer)

De Bowie generatie

Gisteren ging hij dood, en vandaag was ik er vol van. Ik liep ongewild,à tue-tête en toepasselijk Ashes to ashes te fluiten. De monumentale Amsterdamsche huizen blonken als toeters in het vale januarilicht. Er was iets aan deze dag dat er gisteren niet was. Het besef was gedaald: Wij z...

(lees meer)

Stadsdeelkantoor Oost

Toen ik laatst bij de tentoonstelling van Aatje Veldhoen in het CBK was merkte ik dat de ruimte verder doorliep. Nieuwsgierig volgde ik het brede gangpad naar het onbekende. In de verte moest zich een grote zaal bevinden met veel volk: dat hoorde je aan het geroezemoes. Halverwege kon ik de neigi...

(lees meer)

Fitna

Een feministe ben ik, maar voor lieve mannen, die hun vrouw in haar waarde laten en als gelijke behandelen, ben ik bijzonder mild. Dat geldt dus niet voor mannen die machogedrag vertonen. Of zij moslim, christen of atheïst zijn, Marokkaan of Belg. Helaas zijn zulke mannen meestal het product van ee...

(lees meer)

Sharia

Weten jullie dat al of kom ik met hot news vraag ik me af. En zoja, waarom schreeuwt niet iedereen moord en brand? Zijn we zò murw gebeukt door de angst politiek incorrect te blijken? In Engeland zijn er shariarechtbanken. U leest het goed. Shariarechtbanken. Waar de sharia dienst doet als wetboek....

(lees meer)