Beste immigrant

15 Oktober 2015



Beste immigrant,
 
In het Parool van 14 oktober las ik uw bezwaar tegen het primitieve onderkomen dat de Nederlandse overheid u verschaft in uw vlucht voor de oorlog in Syrië. U wilt een echt huis. En geld. De tijd is aangebroken dat ik u vertel wat ik, ook immigrant, zoal ondergaan heb om in Nederland te mogen blijven.
 
Ik ben een immigrant uit liefde. Geboren en getogen in een welvarend gezin in een welvarend land, waar vrede heerste. Op mijn 19de kwam ik als Paastoerist naar Amsterdam en was verkocht. Na een verblijf in Tokio kon ik de heimwee naar die mooie, leuke, gekke stad niet meer onderdrukken. Ik moest en zou naar Amsterdam verhuizen.
 
Mijn familie was hier sterk tegen waardoor financiële hulp ontbrak. Geen nood! Meende ik, want ik was afgestudeerd in de bedrijfseco en sprak/schreef vloeiend Engels, Frans en Japans. Ik had buiten het feit gerekend dat je zonder netwerk aan het kortste eind trekt in een economische crisis zoals die in de vroege jaren 80 in Nederland woedde. Jeugdwerkeloosheid van 25%, schreeuwende woningnood... Na maanden solliciteren vond ik enkel modelwerk in de Rijksacademie à 100 gulden per maand, aangevuld met schoonmaakwerk à 5 gulden per uur per week. Naar behuizing kon ik fluiten. De wachtlijsten in de stad bedroegen 30 jaar.
 
Het zijn jaren van erbarmelijk gesukkel geweest. Ik eindigde op straat. Ik sliep opgerold in een zeil op rommelige plekken zoals achter Artis. Voedsel vond ik in de vuilnishopen na de markt. Ik was niet de enige. Een lotgenoot vroor dood. Geen seconde heb ik getracht de oorzaak van mijn ongeluk buiten mijzelf te wijzen. Amsterdam was een geliefde plek, dit was de tol die ik moest betalen om er te mogen blijven.
 
Uiteindelijk maakte ik met mijn blote handen een drijvende hut uit afval en ging ik daarop wonen. Ik werd zwanger en beviel van mijn zoon, ja, in diezelfde krappe hut waar ik niet rechtop kon staan, zonder water noch gas. Het werden gezegende jaren. Arm maar zielsgelukkig.
 
Als iemand die enkel voor liefde voor een stad zoveel ontberingen over had, wat denkt u dat ik van u vind, op de vlucht voor de oorlog, wanneer u een verwarmde tent en 3 maaltijden per dag met misprijzen tegemoet ziet?
 
Met vriendelijke groet,

 

Blogger Oud Zeikwijf

 

- Aanraders -

Feminisme en immigratie

Ik noem mezelf graag feministe want ik ben, in tegenstelling tot de nieuwe generaties, niet bang om geassocieerd te worden met militante vrouwen die er de afgelopen eeuw